Hartslag TRIMP: wat is het bewijs?

Share

Het meten van de hartslag is een van de populairste manieren om team sporters te monitoren. Als de hartslag van de spelers hoog is gedurende een sessie, nemen we aan dat het een fysiek uitdagende training is en vice versa. Doordat dit een zeer intuïtieve manier van monitoren is, is het dus ook een van de populairste vormen. Echter, voor het bereiken van positieve trainingseffecten zijn we niet alleen geïnteresseerd in de intensiteit. Uiteindelijk zal de interactie tussen volume (d.w.z. de duur) en de intensiteit de training stimulus, en dus, de trainingseffecten bepalen. Verschillende onderzoekers hebben methoden ontwikkeld om de training stimulus te bepalen op basis van hartslag. In deze blog zullen we daarom ingaan op de Hartslag TRIMP methoden en hun verschillen.

Banister’s Hartslag TRIMP

De makkelijkste manier om volume en intensiteit te combineren in een variabele, is door de gemiddelde hartslag van een sessie te vermenigvuldigen met de duur. Eric Banister was de eerste om een aangepaste versie van deze methode te ontwikkelen. Hij noemde deze variabele Training Impulse (TRIMP) en includeerde de duur, de gemiddelde hartslag en de gewogen exponentiele factor in de berekening (zie voetnoot 1 voor de formule).

Hartslag bij periodieke sporten

Hoewel Banister’s TRIMP gebruikt kan worden in duursporten, lijkt deze methode moeilijk te implementeren in team sporten zoals hockey en voetbal. In deze sporten zal de gemiddelde hartslag geen goede weergaven zijn van de tijd wanneer de hartslag bijna maximaal is (bijvoorbeeld tijdens herhaalde sprints), noch van de tijd in de lagere snelheidszones zoals lopen en joggen (70% van de tijd in wedstrijden). Gezien deze twee aspecten zal Banister’s TRIMP geen accurate methode zijn voor het bepalen van de belasting op de spelers.

Heart Rate Trimp - Edward HR Zones - JOHAN Sports GPS
Tabel 1: Edwards’ methode

Edwards’ and Lucia’s Hartslag TRIMP

Om beter rekening te houden met de verschillende intensiteiten van team sporten, hebben zowel Edwards als Lucia verschillende hartslagzones gedefinieerd. Voor Edward’s methode wordt de maximale hartslag (d.w.z. 100%) gebruikt om de verschillende hartslagzones en de bijbehorende arbitraire wegingsfactor te definiëren (zie Tabel 1). Daarentegen komen in Lucia’s methode de hartslagzones overeen met lage (zie Tabel 2), gemiddelde en hoge intensiteit, met bijbehorende arbitraire wegingsfactoren.

Tijd in hartslagzones

Voor beide methoden geldt dat de tijd in elk van de hartslagzones wordt vermenigvuldigd met de bijbehorende arbitraire coëfficiënt om de TRIMP score te bepalen. Het nadeel van Lucia’s methode is dat elke spelers een maximaal test moet uitvoeren in een lab om de hartslagzones te bepalen. Waarbij ook nog een geldt dat verbeteringen (of achteruitgang) van de fysieke fitheid de hartslagzones doen veranderen. Om deze methode dus succesvol toe te passen, moeten de spelers meerdere maximaal testen tijdens het seizoen uitvoeren. Daarom wordt in de meeste monitoringssystemen gebruik gemaakt van Edwards methode om de TRIMP score te bepalen.

Heart Rate Trimp - Lucia HR zones - JOHAN Sports GPS
Table 2: Lucia’s method

Beperkingen van TRIMP 

Naast deze praktische bezwaren bij Lucia’s aanpak hebben beide methode ook fundamentele beperkingen. Door het toewijzen van arbitraire wegingsfactoren aan de verschillende hartslagzones, nemen de methoden aan dat elke seconde die wordt doorgebracht in de hoogste zone 5 keer (Edwards) en 3 keer (Lucia) zo effectief is voor trainingseffecten vergeleken met elke seconde in de laagste zone. Voor deze aannames is echter geen bewijs. Daarnaast wordt door het creëren van zones met de bijbehorende wegingsfactor aangenomen dat de trainingseffecten in de hele zone gelijk zijn.

De validiteit van TRIMP 

Dit kan het beste geïllustreerd worden met een voorbeeld. Als een speler zijn/haar hartslag 71% is van de maximale hartslag, dan wordt de tijd vermenigvuldigd met 3. Als de hartslag van een speler echter 79% is van de maximale hartslag, dan wordt de tijd nog steeds vermenigvuldigd met 3. Als we echter gaan kijken naar het absolute verschil, dan zit tussen beide percentage meer dan 15 slagen per minuut verschil. Deze methoden nemen echter aan dat ondanks de grote verschillen in absolute hartslagen per minuut, het trainingseffect gelijk is. Deze aanname is op zijn minst twijfelachtig. Door deze twee beperking kunnen we twijfelen aan de validiteit van deze methoden.

Training stimulus bepalen

Dan rijst de vraag welke opties er nu nog over zijn om de training stimulus te bepalen op basis van hartslag data. Resultaten van wetenschappelijk onderzoek laten zien dat de tijd die gespendeerd wordt boven 90% van de maximale hartslag positief gerelateerd is aan veranderingen in de fysieke fitheid. En hoewel deze methode nog steeds aanneemt dat elke seconde boven 90% van de maximale hartslag even effectief is voor trainingseffecten, ongeacht of de hartslag 91% is of 97% van de maximum is, maakt deze methode de minst twijfelachtige aannames. Voor nu kunnen we dus concluderen dat, als we de training stimulus willen bepalen op basis van hartslag data, de variabele die het minst aantal twijfelachtig assumpties maakt ook het meest toepasbaar lijkt in teamsporten.

Conclusie van de Hartslag TRIMP methoden

Hartslag data is een van de populairste methode om spelers te monitoren, vooral door zijn intuïtieve natuur. We hebben in deze blog echter ook gezien dat hartslag variabelen niet zo simpel zijn als dat we denken dat ze zijn. Het vermenigvuldigen van de gemiddelde hartslag van de sessie met de duur van de sessie, lijkt geen valide manier om de fysieke belasting van teamsporters te bepalen. Daarnaast hebben we gezien dat bij het creëren van hartslagzones met bijbehorende wegingsfactoren aannames worden gemaakt die zeer twijfelachtig zijn. En zelfs als we enkel de tijd in verschillende hartslagzones meten, dan maken we al aannames. Als we dus met deze variabelen willen werken, dan moeten we ons bewust zijn van welke aannames er worden gemaakt en wat de nadelen daarvan zijn. Als je op de hoogte bent van deze aspecten, dan moet je voor jezelf bepalen of bepaalde variabelen je kunnen helpen om inzicht te krijgen in de fysieke status van de spelers.

Over het algemeen kunnen we in ieder geval concluderen dat hartslag data ons een grof inzicht kunnen geven in hoe spelers de belasting ervaren. Maar hierbij moet worden opgemerkt dat elke variabele zijn nadelen kent. Dus om een beter beeld te krijgen van de belasting op onze spelers, moeten we meer monitoren dan hartslag alleen (bijv. Sprint meters, versnellingen, en totale afgelegde afstand). Dit zal ons meer informatie geven over wat heeft gezorgd voor een hoge (of lage) TRIMP score dan dat we hadden verwacht, en dus ook, over hoe we de training moeten aanpassen om de prestatie van de spelers te optimalizeren.

 1. Banister’s TRIMP=  duration* HRaverage,exercise- HRrestHRmax-HRrest*0.64℮1.92*HRaverage,exercise

Picture: © AS Trencín/Galajda Michal