De paradox van spierblessures: is pieksnelheid de ‘oorzaak’ of het ‘vaccin’?

Share

Spierblessures zijn een van de meest voorkomende blessures in team sporten. Gezien de lange hersteltijd en relatieve hoge kans op het opnieuw optreden van de blessure, is het van groot belang om spierblessures te voorkomen. Zoals al besproken in een eerdere blog, lijkt het verbeteren van de spierkracht van de hamstrings de kans op hamstring blessures te verkleinen. Maar dit is niet de enige factor die de kans op spierblessures verkleint. Het voorbereiden van spelers op de hoge fysieke belasting op de spieren tijdens hoge snelheidsacties lijkt ook een beschermend effect te hebben.

Wetenschappelijk onderzoek pieksnelheid en spierblessures

Rennen op hoge snelheid (>90% van de maximale snelheid) is een belangrijke kwaliteit voor de prestatie in teamsporten. Met deze hoge snelheidsacties kunnen spelers een voordeel creëren in aanvallende en/of defensieve situaties. Echter, gedurende deze acties ontstaan ook de meeste spierblessures door de hoge belasting op de spieren. Om spelers hierop voor te bereiden, zou  men spelers bloot kunnen stellen aan een hoge mate van deze hoge snelheidsacties tijdens trainingen.

Wetenschappelijke studies hebben echter ook laten zien dat bij te veel hoge snelheidsacties de kans op een spierblessure juist toeneemt. Dit suggereert dat we spelers zouden moeten beschermen tegen spierblessures door ze juist minder hoge snelheidsacties uit te laten voeren tijdens trainingen. Daarentegen, als we de theorie van de AC-ratio volgen, die benadrukt dat we spelers niet moeten blootstellen aan eenmalige hoge pieken in de belasting (d.w.z. tijdens de wedstrijd), lijkt dat geen verantwoorde manier van periodiseren.

Wel of geen hoge pieksnelheid tijdens training?

Een andere studie keek naar de relatie tussen het bloot stellen van spelers aan pieksnelheden en het blessurerisico, terwijl werd gecontroleerd voor de fitheid van de spelers (gemeten aan de hand van de gemiddelde weekbelasting van de afgelopen 4 weken; de chronische load). In deze studie werd gevonden dat spelers die minstens een keer per week werden blootgesteld aan een pieksnelheid (>90% of hun maximale snelheid) een verminderd blessurerisico hadden. Daarnaast werd gevonden dat spelers met een goede fitheid (hoge chronische load), bij het uitvoeren van 6-10 pieksnelheidsacties per week een verlaagde kans op blessures hadden. Echter, dezelfde hoeveelheid pieksnelheidsacties voor spelers met een lage chronische belasting (d.w.z. minder fitte spelers of spelers die terugkomen van een blessure) zorgde voor een verhoogde kans op blessures.

Wat te doen in de praktijk?

Gebaseerd op het eerste resultaat, is het aan te raden om je spelers minstens een keer per week tijdens de trainingen bloot te stellen aan een pieksnelheidsactie (>90% van hun maximale snelheid). Om te zorgen dat spelers hun topsnelheid behalen, zijn langere sprints (bijv. 40m sprint: 30m maximale sprint, 10m uitlopen) het meest geschikt. Wat betreft het plannen van de hoge snelheidsactie gedurende de week, wil je spelers deze pieksnelheidsacties niet laten uitvoeren de dag voor de wedstrijd. Daarom wordt geadviseerd om deze sprint 3 of 4 dagen voor de wedstrijd in te plannen.

Aan de hand van het tweede resultaat, kunnen we concluderen dat we voorzichtig moeten zijn met pieksnelheden voor spelers met een lage chronische load. Dat wil zeggen dat spelers die terugkomen van een blessure (of wisselspelers) niet te veel hoge snelheidsacties per week moeten uitvoeren (<6 keer per week). Voordat je deze spelers meer pieksnelheidsacties laat uitvoeren, moet je eerst hun chronische load verhogen. Daarnaast lijkt voor alle spelers ook te gelden dat we ze niet te vaak moeten blootstellen aan pieksnelheden (>10 keer per week) aangezien dit ook het risico op blessures kan vergroten. Concluderend kunnen we dus stellen dat het belangrijk is om de spelers tijdens trainingen pieksnelheidsacties te laten uitvoeren, maar dat het monitoren van het aantal acties essentieel is om blessures te voorkomen.

Conclusie

Het uitvoeren van acties met een pieksnelheid zal tijdens een wedstrijd zorgen voor voordelen in zowel aanvallende als defensieve situaties. Maar, het is juist tijdens dit type actie dat spierblessures ontstaan. Het is daarom van groot belang om je spelers goed voor te bereiden op de hoge belastingen op de spieren tijdens deze hoge snelheidsacties. Het uitvoeren van pieksnelheidsacties (>90% van hun maximale snelheid) tijdens trainingen is een van de manieren om dit te doen. Hierbij is het echter van belang om goed te letten op het aantal acties dat de spelers moeten uitvoeren.  Voor de fitte spelers in je team zorgt een gemiddelde belasting (6-10 acties per week) voor een verlaagd blessurerisico. Echter, voor wisselspelers of spelers die terugkomen van een blessure wordt geadviseerd om voorzichtiger te zijn (<6 acties per week). Voor deze spelers is het belangrijker om hun algehele fitheid (d.w.z. chronische load) eerst te verbeteren voordat ze worden blootgesteld aan een grote hoeveelheid hoge snelheidsacties. Dus, pieksnelheidsacties kunnen gezien worden als een ‘vaccin’ tegen spierblessures, maar als ze niet in de juiste mate worden uitgevoerd, kunnen ze ook de oorzaak van de blessure zijn!